Nepal: Himalaya; een poging om de 5416 meter hoge Thorung La Pass te beklimmen

Tijdens een bezoek aan Nepal kan je niet om het Himalaya gebergte heen. Dus als je in Nepal bent dan staat het maken van een trek door het Himalaya gebergte hoog op het lijstje. En dat wilde ik dus ook doen. Zonder echte fysieke voorbereidingen kochten we maar de spullen in die Internet en de Lonely Planet zeiden dat we nodig zouden hebben. Warme kleding (onder andere mijn eerste afritsbroek 🙂 ), hoogteziekte pillen, waterzuiveringstabletten, een bidon, een slaapzak, wandelstokken en Snickers en mueslirepen. Spullen check, permits die nodig zijn check, oké we zijn er klaar voor!

img_3716

Er zijn verschillende soorten trekkingstochten die je kunt doen. Tochten van een paar dagen, tochten van een paar weken. Aangezien we genoeg tijd hadden besloten we het Annapurna Circuit te lopen. Een best wel bekende en mooie trekkingstocht waarbij je langs verschillende dorpjes komt. En deze dorpjes lijken ook wel alleen voor de trekkers te bestaan, door het ruime aanbod van guesthouses en restaurants. Dit is fijn voor ons want hierdoor zullen we niet snel ergens zijn waar geen slaapplek, eten of drinken is. De populariteit brengt daarnaast ook als voordeel mee dat een gids niet nodig is. De route is vrij duidelijk, aangezien er vaak maar één weg is. Daarnaast wordt de hele route met op muren en stenen geschilderde rode pijltjes en rood/witte vlaggetjes gekenmerkt, waardoor de trekking een soort speurtocht werd. Plus we hebben allemaal smartphones, en het zou niet de eerste keer zijn dat de navigatie-app ‘Maps.me’ mijn ‘leven heeft gered’ door me de juiste kant op te sturen. Dus geen gids voor ons. Daarnaast zijn er mensen die een drager in huren om hun tassen te dragen. Vaak was dit niet maar één backpack, maar allemaal tassen die bij elkaar gebonden waren. Dit werd als een grote tas door een man gedragen, waarbij een band om het hoofd deze grote tas verstevigden. Ik had mijn eigen backpack, ik denk dat hij zo’n 10 kilo woog. En ik had de eerste paar dagen pijntjes aan mijn rug van het dragen van die tas. Die dragers sjouwden ik weet niet hoeveel kilo’s berg op en berg af. Natuurlijk krijgen ze ervoor betaald, en ja dan hebben ze werk, dat klopt. De lokale bevolking profiteert zo ook van het toerisme. Maar toch.. Het zag er zo zielig uit. Geen dragers voor ons in ieder geval.

Het Annapurna circuit is dus populair maar het is niet zo dat je met honderd anderen in een rijtje aan het lopen bent. Je kwam wel vaak dezelfde mensen tegen, wat logisch is, maar dit maakte het wel leuk. Zo kon je zien of je een beetje op hetzelfde niveau lag en je afvragen waar ‘de Duitser’, ‘de Rus’, ‘de Koreaan’, ‘dat Franse koppel, dat geen koppel bleek te zijn’ en ‘die andere Nederlanders’ zouden zijn. Zijn ze een dorpje eerder dan ons gestopt om te overnachten of zijn ze verder gelopen?

 

De eerste paar dagen liepen we in korte broeken door groene valleien. Het zonnetje scheen, het uitzicht was mooi, in de verte zag je besneeuwde pieken, helemaal toppie. We volgden de rivier en dit bracht ons langs groene rijstterrassen waar de boeren aan het werk waren, een beeld dat me van Noord-Vietnam erg bekend voorkwam. Dat lopen ja daar moest ik wel aan wennen. Elke dag liepen we gemiddeld zo’n 7 uur. Waarbij we om 6 uur opstonden, ons ontbijt aten wat we de avond van te voren hadden doorgegeven, zodat we in de namiddag aankwamen op de plaats van bestemming. Rond 11/12 uur aten we onze lunch in het dorpje waar we dan toevallig waren. In de meeste gevallen was dit Dal Bhat, een traditioneel gerecht dat overal beschikbaar is. Hierdoor is het ook snel klaar en hoef je niet lang te wachten op je eten. We hadden één keer dat we zeker een uur op onze lunch moesten wachten. Normaal gesproken als je ergens warm in een restaurantje bent zou dat niet zo veel uitmaken. Maar nu is het anders. Je bent bezweet van de eerste helft lopen, je moet lang wachten en je zit stil waardoor je het koud krijgt en dan begin je te gapen en word je moe. Allemaal dingen die je niet wil. Dus Dal Bhat, rijst met linzensoep, en veel groente. En alle ingrediënten kunnen steeds bijgevuld worden. Zo’n stevige lunch heb je ook wel nodig. In Nepal verkopen ze T-Shirts met de tekst: Dal Bhat power 24 hour. Erg toepasselijk. Dus na de lunch kunnen we weer vol goede moed ervoor gaan.

Het waren geen gemakkelijke dagen, het omhoog klauteren was vaak erg vermoeiend. Fysiek was het zwaar maar metaal soms ook. Stap voor stap kom je dichter bij het volgende dorpje. Het is grappig om te zien hoe sterk je lichaam kan zijn. In mijn hoofd schreeuwde ik vaak ‘Nee, stop, ik kan niet meer’, maar mijn benen en rug, zo sterk, bleven maar door gaan. Elke dag als we onze bestemming van die dag bereikt hadden voelde dan ook als een soort overwinning. “We made it”. En dan was daar opeens weer de volgende dag en begon je weer opnieuw met het bereiken van het doel van de dag. Maar het hoofddoel van deze trekkingstocht is het beklimmen en oversteken van de Thorung La Pass. Met een hoogte van 5416 meter is dit de hoogste bereikbare bergpas ter wereld. Ja dat is wel heel erg gaaf!

Zo gingen de dagen voorbij. We liepen over wiebelende hangbruggen boven kolkende rivieren en smalle paden, kwamen onderweg naast wandelaars berggeiten, koeien en paarden tegen, werden vriendelijk begroet met ‘Namaste’ door de bewoners van de kleine dorpjes en de witte reuzen van de Himalaya kwamen steeds dichterbij. De guesthouses waar we verbleven waren eenvoudig met een Aziatische wc (lees gat in de grond), en douches met in de meeste gevallen warm water. Zo’n warme douche was heerlijk, maar als je vervolgens naar je kamer moest lopen was het ijskoud. Aangezien het verder ook koud was op de kamer, warmde je ook niet echt op. ’s Avonds rolde ik me vaak op in mijn slaapzak met mijn muts op, sjaal om en handsschoenen aan.

Onderweg kwamen we veel trekkers tegen die terug aan het lopen waren. De bergpas was al een paar dagen gesloten vanwege de sneeuwstormen en aangezien ze geen tijd of zin hadden om te wachten zijn ze de route terug gaan lopen. We hadden er vertrouwen in dat de bergpas open zou zijn tegen de tijd dat wij daar aan zouden komen. Maar een ding zou ik zeker weten, als ik om welke reden dan ook niet verder zou kunnen, dan ga ik dus echt niet dat hele stuk waar ik dagen over heb gedaan weer helemaal terug lopen. Echt niet..

Op dag 8 deden we een acclimatisatie tocht. Tijdens deze tocht loop je eerst naar een hoog gebied en vervolgens slaap je in een lager gelegen gebied. Dit is om je lichaam alvast aan de hoogte te laten wennen en om hoogteziekte te voorkomen. Aangezien we al op een flinke hoogte waren is deze ziekte wel iets om serieus te nemen. We waren dan ook alert voor de verschijnselen ervan zoals hoofdpijn en misselijkheid. We dronken voldoende water en gingen langzaam steeds verder omhoog. Zo werd de zin “slow but steady”, wat van toepassing was in het hectische verkeer van Vietnam, nu ook gebruikt in Nepal. We bereikten ons hoogtepunt op 3730 meter na een pittige klim omhoog en kwamen later die dag aan in een dorpje dicht bij Manang. Manang is het laatste grote dorpje voor de bergpas. Hierna stijg je 2 dagen telkens zo’n 500 meter. Als je boven de 3000 meter bent mag je dagelijks nog maar tussen de 300-500 meter stijgen. Je mag wel hoger gaan, maar je moet dan lager slapen. Veel mensen focussen zich alleen op de bergpas en op het ‘zo hoog mogelijk komen’. De laksheid hierin kan heel gevaarlijk zijn en dit zijn dan de mensen die de top bereiken om vervolgens aan de andere kant van de berg met de helikopter te worden opgehaald. Meerdere keren heb ik een helikopter voorbij zien en horen vliegen. Het is niet zo dat een helikopter hier random rond gaat vliegen en je weet dan ook gewoon dat hij maar voor een reden gestuurd is, om mensen op te pikken die waarschijnlijk last hebben van hoogteziekte en naar het ziekenhuis gebracht moeten worden. Die gedachte plus het nieuws dat de avond voordat wij in het dorpje aankwamen er een lawine over de bergpas is gegaan maakte me wel bang.

En zo kwamen we in een tweestrijd terecht. Moeten we doorgaan of niet? Wat waren de voorspellingen? Een lawine kun je niet voorspellen. Het zou de komende 4 dagen mooi weer zijn, daarna zou het weer minder worden en wellicht gaan sneeuwen. Het waren dus 2 dagen nog naar die laatste dorpjes. Dan wordt aangeraden om de dag voordat je de bergpas over gaat een rustdag te nemen, aangezien het beklimmen van die bergpas erg pittig is. Dat was dan dag 3. En de ochtend dat je de bergpas beklimt vertrek je tussen 4 en 5 uur want je hebt ongeveer 6 uur nodig om die laatste 500 meter naar boven te beklimmen. De lucht is daar ijl en droog en je moet langzaam omhoog gaan, omdat er weinig zuurstof in de lucht is en je sneller buiten adem raakt. Als je de top hebt bereikt ga je direct 1600 meter dalen naar het eerst volgende dorpje waar je kunt overnachten. Steil omlaag dus over een glad oppervlakte. Dus ja, we zouden op de 4e dag, de laatste dag dat er mooi weer was voorspeld, de bergpas over kunnen gaan. Maar je wilt vooral die laatste dagen iets ruimer nemen. Je wilt juist meer tijd hebben om die laatste meters te beklimmen en waar nodig is een extra rustdag in te plannen als iemand last zou hebben van hoofdpijn of iets dergelijks.

 

“Je moet gewoon geluk hebben met het weer om de bergpas te beklimmen”, zeiden andere trekkers tegen ons. Nou als ik op een hoogte van meer dan 5000 meter sta, wil ik wel iets meer achter de hand hebben dan ‘geluk’. Toen werd ons voorgesteld om naar het laatste dorpje voor de bergpas te gaan en om dan te kijken of de bergpas wel of niet open is. Als hij niet open is dan zouden we in ieder geval tot 4850 meter zijn gekomen. Maar hoe hoog ik zou komen vond ik niet interessant. De hoogte die we nu hadden bereikt, 3730 meter vond ik ook al hoog. Het ging me ook niet om het aantal meters, maar om gewoon het hoogtepunt van deze trekkingstocht met dat prachtige uitzicht mee te maken. Als we dan te horen zouden krijgen dat de bergpas gesloten is, dan zouden we weer helemaal terug moeten lopen naar het dorpje waar we nu waren. Dit was de laatste plaats om een Jeep terug te nemen. Zoals ik al zei had ik in het begin al geroepen dat ik niet dat hele stuk over dezelfde route terug zou lopen. Wat er ook gebeurd.

Ik weet dat als je dit leest je zou zeggen ‘stop en ga terug’. Dat zou ik in ieder geval zeggen als ik het zou lezen. Maar je moet je voorstellen dat je daar omringd bent met mensen die allemaal met hetzelfde doel als jij gekomen zijn: de Thorung La Pass beklimmen en oversteken. Mensen die koste wat kost bereid zijn om door te gaan, maar ook mensen die terug waren gekomen. En daar zit je dan tussen in.

 

We besloten om terug te gaan. En als ik er nu weer aan terug denk dan doet het nog steeds iets met me. Niet dat dit het meest belangrijkste van mijn trip was of wat dan ook. Nee absoluut niet. Ik wilde gewoon een trekkingstocht maken in Nepal en in principe heb ik dat ook gedaan. Ik had me hier totaal niet in verdiept en wist dus ook niet echt wat ik moest verwachten. Maar 8 dagen lang ben je lange uren aan het lopen, waarbij je elke dag je lichaam verder pusht, grenzen die verlegd worden, versteld staan van je eigen doorzettingsvermogen en zo elke dag, stapje voor stapje dichterbij komen. Het ’s nachts ijskoud hebben en dan fantaseren over het moment dat je de top bereikt hebt. Het moment dat je een foto maakt met het bekende bord waar op staat: “Thorung La Pass. Gefeliciteerd met het succes!!!”. En natuurlijk mijn slinger gekleurde Tibetaanse gebedsvlaggetjes ophangen tussen de andere vlaggetjes. Dat zijn mooie momenten. Om vervolgens 10 uur lang heen en weer geschud te worden in een Jeep en de hele route waar je 8 dagen over hebt gelopen, terug te rijden, is gewoon ontzettend zuur en zelfs een beetje pijnlijk.

Het onderweg zijn is belangrijker dan het einde. Klopt. Het was mijn eerste meerdaagse trekkingstocht. We hebben hele mooie dagen gehad en prachtige dingen gezien, meerdere keren een overwinningsgevoel gehad en door de sneeuw gelopen terwijl we omringd waren door reuzen van bergen. Allemaal dingen die ik nog nooit eerder gezien, gedaan en gevoeld had. Alleen het einde had een beetje een bittere nasmaak.

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s